Gebiedsgericht aan de slag in Groningen

De weidse vergezichten, het vlakke land, de mooie kerkjes en de nuchtere volksaard: Groningers zijn er trots op, al zeggen ze dat niet snel hardop. Tegelijkertijd kampt de provincie met grote uitdagingen, waaronder de gaswinningsproblematiek. Met een gebiedsgerichte aanpak werken inwoners en gemeenten samen aan verbetering van de leefbaarheid. Liesbeth van de Wetering schetst hoe Groningen dat aanvliegt.

 

Officieel is ze Programmamanager Kwaliteit Openbaar Bestuur bij de provincie Groningen. Het is een hele mond vol, maar in eenvoudige woorden zet Liesbeth zich in voor “goed bestuur, het samenspel tussen de Groninger overheden en het samenspel met inwoners”. Een hele kluif, want het vertrouwen in de overheid staat fors onder druk in de provincie. De problematiek rond de gaswinning is daar natuurlijk debet aan. De enorme materiële en immateriële schade en het onvermogen van de rijksoverheid om hiermee om te gaan, hebben geleid tot een grote vertrouwensbreuk tussen burger en bestuur.

 

Rode lijstjes

Alleen al aan deze problematiek hebben overheden en inwoners de handen vol, maar er spelen nog allerlei andere thema’s. “Groningen kleurde al rood op allerlei lijstjes, van arbeidsdeelname en opleidingsniveau tot inkomen en energiearmoede”, vertelt Liesbeth. “Daarnaast staat het typerende en geliefde landschap onder druk door de energietransitie. Groningen is een ideale locatie voor duurzame energie, maar al die masten, windmolens en dergelijke hebben een enorme landschappelijke impact.”
Bovendien heeft Groningen een grote herindelingsgolf achter de rug waarbij veel kleine gemeenten zijn gefuseerd of heringedeeld tot tien grotere. “Dat is bestuurlijk overzichtelijk en het is makkelijker samenwerken. Maar het heeft ook gemaakt dat de lokale overheid minder zichtbaar en minder nabij is.”
Er speelt kortom een hele trits aan vraagstukken die per kern, dorp of wijk ook nog eens sterk verschillen. Tegelijkertijd liggen er veel kansen. Want de afgelopen tijd is er veel geld en ruimte beschikbaar gekomen om problemen aan te pakken. Liesbeth: “Vanuit het programma Nij Begun werken we de komende dertig jaar aan zowel het herstel en versterken van woningen als aan sociaal en economisch perspectief.”

 

Provinciebrede aanpak

In deze aanpak heeft het gebiedsgerichte werken een belangrijke rol. “Het is essentieel dat we rond al deze thema’s samen optrekken met inwoners en de afstand tussen overheid en inwoner verkleinen”, zegt Liesbeth. “We beginnen niet bij nul. Er is al veel gaande in wijken en dorpen. Datgene wat we doen, moet daar goed aan verbonden zijn en op voortbouwen.”
Reden voor de overheden in Groningen om samen te investeren in het versterken van het gebiedsgerichte werken. “Een aantal gemeenten binnen de provincie heeft al veel ervaring opgedaan met een gebiedsgerichte aanpak en met inwonerparticipatie. We bouwen nu aan een provinciebreed netwerk waarin we zulke kennis en ervaring delen.”
Binnen dat netwerk zijn het zeker niet alleen de ‘ervaren’ gemeenten die kennis inbrengen. “Soms zijn het juist de ‘pioniers’ die uitdagingen snel weten te tackelen, kansen pakken of problemen weten te voorkomen. Terwijl ervaren gemeenten soms juist last hebben van de wet van de remmende voorsprong. We leren echt over en weer van elkaar, waardoor niet ieder op zich het wiel hoeft uit te vinden.”
Verder zet Groningen in op slimme oplossingen die breed inzetbaar zijn. “We werken bijvoorbeeld aan online participatieplatforms die door alle gemeenten gebruikt kunnen worden. En we ontwikkelen samen manieren om op een efficiënte manier wijkdata te verzamelen en te analyseren als basis voor het gesprek in wijken en dorpen. Dat is niet alleen slimmer en goedkoper, het is ook veel logischer en herkenbaarder voor inwoners.”

 

Participatiemoe

Integratie en eenvoud staan niet voor niets centraal in de Groningse aanpak. Het is een enorme kluif om samenhang te creëren in alle programma’s en projecten die nu lopen in de provincie. Het lukt gebiedsambtenaren zelf al amper om door de bomen het bos te blijven zien, dus dat geldt helemaal voor inwoners. “Tegelijk ziet iedereen hoe belangrijk het is om al die processen mét wijken en dorpen samen te doen, zodat gemeenschappen hierdoor verstevigd worden. In de lijn van de aanbevelingen van de parlementaire enquête aardgaswinning en van de Wet versterking participatie willen we alle ruimte maken voor de stem van inwoners. Maar je wilt niet dat inwoners vastlopen in een onoverzichtelijke veelheid aan thematische participatieprocessen – wat wel een risico is van die wet. Zeker hier in Groningen zijn veel mensen al participatiemoe. Ze hebben al vele avonden om de tafel gezeten. En ze hebben ook ervaren dat die processen lang niet altijd goed lopen of dat er niets met hun inbreng wordt gedaan.”

 

Duurzame relatie

De gemeenten proberen daarom de participatiemomenten veel meer te clusteren. “We willen de duurzame relatie en dialoog centraal stellen in plaats van de losse ophaalrondjes. Dus niet apart met elkaar in gesprek over bijvoorbeeld de speeltuin, het buurtcentrum en de rondweg. Voor bewoners is het vanzelfsprekend om zulke zaken in samenhang te bespreken. We zetten daarom veel meer in op het samen met gemeenschappen maken van een dorps- of wijkplan waarin alle thema’s samenkomen.”
Binnen die aanpak kijkt Groningen heel bewust hoe inwoners meer zeggenschap kunnen krijgen, zodat de wijk- en dorpsdemocratie versterkt wordt. “Over het algemeen is er in de wijken en dorpen een enorme bereidheid om de schouders eronder te zetten. Natuurlijk leeft er boosheid en wantrouwen, maar er is ook een grote strijdvaardigheid. Het is heel belangrijk dat we ruimte maken voor mensen om bij te dragen en samen beslissingen te nemen.”

 

Bondgenotencontact

Dit maakt dat er wel heel veel op het bord van de gebiedsambtenaar ligt – die ook nog eens te maken heeft met wantrouwende inwoners. “Daarbij moet ik wel opmerken dat vooral het vertrouwen in de rijksoverheid laag is. Op provinciaal niveau is het al beter, en op gemeentelijk niveau nog beter. Doordat gebiedsambtenaren ook nog eens tussen inwoners en gemeente in opereren, hebben zij een rol die heel sterk gewaardeerd wordt. Ze zijn bij uitstek zichtbaar en benaderbaar – en dat is precies waar inwoners behoefte aan hebben. De Groningse gebiedsprofessionals halen vaak veel motivatie en voldoening uit datgene wat zij kunnen betekenen in wijken en dorpen.”
Ondertussen moeten ze wel dealen met de negatieve ervaringen die veel mensen hebben met een overheid die lange tijd geen oplossingen bood. De gebiedsprofessionals ervaren ook zelf hoe ze in hun organisatie soms tegen muren oplopen. “Ze voelen zich regelmatig eenzaam, mede reden waarom we sinds enkele jaren een jaarlijkse platformdag houden voor alle gebieds- en participatieambtenaren in Groningen. In het begin voorzag dat in de behoefte aan lotgenotencontact, met veel herkenning en de ruimte om soms figuurlijk even ‘uit te huilen’. Maar ik zie nu dat het steeds meer bondgenotencontact wordt. Er is een grote drive om elkaar als gebiedsambtenaren te versterken, van elkaar te leren en samen onze organisaties te helpen bij een integrale aanpak.”

 

De generatie van morgen

De gebiedsgerichte aanpak in Groningen staat nog volop in de steigers, maar Liesbeth ziet al wel dat de integrale benadering verschil maakt. “Afgelopen tijd is bijvoorbeeld hard gewerkt aan het bouwen van netwerken om jongeren te betrekken. Het is best een kunst om hen te bereiken, want zij zitten vaak in heel andere netwerken dan oudere bewoners. Maar Nij Begun gaat natuurlijk over hún toekomst. Binnenkort is er een ‘Jongerentop’ – een burgerberaad voor jongeren – over de toekomst van het wonen, waar provincie en gemeenten samen het gesprek met jongeren aangaan.”
Daarnaast merkt ze dat er in de wijken en dorpen steeds meer naar één gezamenlijke wijk- of dorpsvisie en -agenda toegewerkt wordt: “Wat speelt er – om een voorbeeld te noemen – de komende tijd allemaal in het dorp Onderdendam? Wat is er al aan talenten, kansen en initiatieven? Welke overheidsprojecten en -programma’s vragen om een gesprek? Hoe past dit binnen de bredere dorpsvisie, hoe werken we dit samen uit tot een praktisch plan? En vooral: hoe kunnen inwoners in dat proces veel meer zélf aan het stuur zitten – en hoe kunnen wij daar als ambtenaren dienstbaar aan zijn, met netwerken, kennis en middelen? Want daar gaat het uiteindelijk om.”

 

Lees ook het volgende

Het lidmaatschap voor het LPB sluit je af per organisatie. Je betaalt als organisatie slechts € 500,- per jaar. Het spreekt natuurlijk voor zich; hoe meer leden, hoe beter wij de wijkaanpak en het werk van de wijkprofessional kunnen ontwikkelen. Al meer dan honderd gemeenten en organisaties zijn aangesloten bij het LPB.

Voordelen lidmaatschap

  • je krijgt korting op deelname aan het jaarlijkse LPB Congres. Deelname aan het LPB Congres kost dan € 399,-* (normaal € 549,-). Dit is exclusief overnachtingskosten.
  • toegang tot diverse werkgroepen en themabijeenkomsten
  • toegang tot een netwerk van wijkprofessionals
  • promotie van je eigen activiteiten en werkwijzen op de www.LPB.nl en via de digitale nieuwsbrief

Martin: Hier graag een formulier inbouwen